Het toilet van Marcel
In het Antwerpse justitiepaleis stinkt het op dit ogenblik. Sinds een week loopt daar een tentoonstelling waar je kan gaan bekijken hoe armen leven. Er staat een soort rommelig krot opgesteld in het midden van een grote antieke zaal.
Een nette dame van middelbare leeftijd zegt verrukt: 'Hoe interesstant.'
'Bijzonder geurtje. Ik denk dat het munt is,' zegt een deftig man.
'Stinken? Dat stinkt hier niet!' herhaalt de akteur (onderdeel van het kunstwerk) eindeloos in plat Gents.
De kunstenaar, waarschijnlijk geen dag in zijn leven arm geweest, legt uit dat hij met dit werk 'in dit kader een confrontatie wil aangaan.'
Dat zal dan wel denk ik.
Ook aktueel: de tentoonstellingen van Körperwelten. Lijken die zijn opgezet in kunstige houdingen. Met als voorlopig hoogtepunt van de kunstenaar het live opensnijden van een lijk. Ik herinner me de golf van verontwaardiging toen Mercedes echte lijkjes van kinderen wilde gebruiken om de crashtesten realistischer te maken en zo hun auto's veiliger. Zij hebben er toen van af moeten zien.
In sommige musea hangen en staan mooie dingen. Heel af en toe ga ik daar 's naar kijken, het liefst naar het museum voor hedendaagse kunst in Brussel, en neem me telkens voor het wat vaker te doen. Armoede zie ik en ruik ik dan een paar straten verder in datzelfde Brussel.
Marcel Duchamps hing in 1917 een toilet omhoog en noemde het kunst. In 2002 hebben de meeste artiesten het nog niet begrepen. De vraag of iets kunst is, is overbodig. Niets meer afvragen. Mooi of lelijk vinden, ontroerend, grappig, of allemaal tegelijk: daar draait het om.
Laat de artiesten verder maar lullen en laat ik dit ondertussen erg grappig en vertederend vinden.
Reacties
mag ik even kort iets vertellen? Over Kunst? Ik doe een keer in de maand met andere kunstenaars (schilders en beeldhouwers) kunst met de gedetineerden van de Sharon gevangenis bij mij in de buurt. Gisteren was het weer zover. Bij het inleidend en voorbereidend gesprek tussen enerzijds de gevangenen en anderzijds de kunstenaars werd besloten dat het onderwerp van deze ontmoeting Liefde zou zijn. De cipier ging de kring rond en iedereen moest zeggen wat Liefde voor hem betekende. Eentje zei: Liefde is vrijheid. Een ander: Liefde is mijn dochtertje. Etc etc. Ik wilde zeggen God is Liefde, want daar had ik net een verhaal overgeschreven, maar vond dat te zwaar klinken, dus zei toen maar: Kunst is liefde. Igor, een jonge rus, die vaak de stem van God hoort door het kapotte TV toestel in zijn cel, keek mij met grote ogen aan. Daarna gingen we allemaal schilderen. Igor ging op de gang zitten, voor de open deur van het toilet en tekende heel nauwkeurig de WC pot na.
Bij het eindgesprek vroeg de hoofdcipier aan Igor wat de WC pot met Liefde te maken had.
Igor wees grijnzend naar mij en zei in gebroken Hebreeuws: Kunst is Liefde.
Niemand begreep 'm, maar Igor zei niets meer, misschien luisterde hij wel naar andere stemmen.
En nu lees ik je stukje hierboven en denk ik: verrek, Marcel Duchamps, 1917?
Van Duchamps gesproken: http://www.moca.org/museum/dg_detail.php?dgDetail=pmiller&PHPSESSID=959e78d90d153751c15e808a27e9df03
Ventileer zelf uw mening
Musashi
random:
Fredscape
van de dag
I
want you to link me!
Je hebt gelijk. Kunst bestaat niet. ;)