Ik citeer even de VTM website:
"Sinds 1 september loopt op VTM een nieuw spraakmakend programma. In "Olivier de Rijke" worden vijftien vrouwelijke vrijgezellen tussen 20 en 30 jaar voorgesteld aan Olivier, een vrijgezel van 26 jaar. Aan de meisjes wordt verteld dat Olivier 32 miljoen Euro erfde, maar dat is een leugen."
Vat samen als: de beste televisie die ik in jaren gezien heb. Noemt u mij gerust een slecht karakter. Want groffer amusement dan dit moet dateren uit het tijdperk waarin men leeuwen met Christenen en ander gespuis placht te voeden.
Olivier, in het dagelijkse leven een eenvoudige wegenwerker in alle betekenissen van het woord, wordt in een kasteel aan de Loire gedropt. Dat is dan: zijn buitenverblijfje. Porsche voor de deur, butler erachter. Kers op de taart: vijftien paarrijpe dames waaruit hij zijn bruid dient te kiezen. U krijgt het beeld wel zo'n beetje.
Maar met dat beeld heeft u het geluid nog niet, en dat is de halve pret. Beeldt u zich hiervoor bijvoorbeeld Olivier in, gezeten in een restaurantje. In het Antwerps dat tegenwoordig alleen nog aan de Seefhoek gebezigd wordt: "Waajn, joa, goej vroâg, wa moete kik nâ gôn kieze? Der stôt ier zoeveujl oep die koart."
Waarop de ober hem beleefd de eetkaart uit handen neemt, en hem de wijnkaart overhandigt... Voor mij moeten ze dan even onderbreken met een reclameblok, want ik lig dan vijf minuten uit mijn zetel van het lachen. Bij de tafelgenotes van dat moment — een van de kandidaat-dames, haar moeder en haar zus — wekt zo'n scène geen argwaan.
Maar de nietsvermoedende wentelteefjes zijn al zo'n natuurtalenten als Olivier zelf. "Ja, dat geld is plezant natuurlijk, maar Olivier is daar toch heel gewoon onder gebleven." En: "Hij is toch wel knap, en sportief ook, dat vind ik echt belangrijk in een man." In de plaatselijke discotheek hadden ze een knappe, sportieve man van dat kaliber al tien keer wandelen gestuurd.
Een van die herten kon er vorige week niet bij dat iemand er graten in zag dat zij op het thuisfront nog een vriendje had achtergelaten. "Djiezus, waar gij een spel van maakt!"
Vandaag was de voorlaatste aflevering. Van de drie dames werden naaste familieleden uitgenodigd. Van ouderlijke wijsheid, laat staan een gezonde dosis argwaan, geen spoor, zelfs niet wanneer Olivier zo meteen en daarna ook niet kan zeggen in welk dorp zij zich nu bevinden. De moeder van een kippetje pleegt zelf een kwinkslag: "Zeg Olivier, ge weet toch waarom kabouterkes lachen wanneer ze in het gras staan te voetballen he? Awel, omdat dat gras kriebelt aan hun (sic) toverballekes." Op slag krijg ik dan toch een tikje medelijden met de dochter. Sociologen noemen dat 'nurture' dacht ik: je kan, meer dan een eeuw socialisme ten spijt, nog altijd in de verkeerde wieg geboren worden.
Volgende week is de grote finale. Olivier zal dan aan de laatste dame van zijn keuze moeten diets maken dat hij niet Olivier de Euromultimiljonair is, maar Olivier de Wegenwerker. Ons werd al een sneak gegund. Hij zal zijn betoog beginnen met: "Dan is er nog een klaajn dîngeske dâ maaj vàn et hart moet..."
Behoudens het uitbreken van Wereldoorlog III, treft u mij twee uur op voorhand en nog lang nadien achter de buis aan. Zelden zal ons zo'n blik gegund worden op het donkerste van de mens. En dat kan dus onwaarschijnlijk hilarisch zijn.
Arme, arme Olivier.