Met een licht bezwaard gemoed stapte de Ridder op de zaalwachters af. Nog enigszins beneveld door de wijn die hij de voorgaande nacht overvloedig tot zich had genomen in De Lustige Waardin, ging de Ridder ervan uit dat de wachters hem gezwind toegang tot de troonzaal zouden verlenen. De gekruiste lansen van de wachters gaven hem ongelijk.
"Halt ende Sta!" schreewden de twee wapendienders hem in koor toe, "Naam en reden van uw bezoek!" De trommelvliezen van de Ridder teisterden zijn zere hoofd hierbij dermate dat hij besloot meteen een einde te maken aan de administratieve plichtplegingen. Een welgemikte kniestoot en een snelle uithaal met zijn dolk ontnamen de ambtenaren elke lust tot verdere formaliteiten. Geďrriteerd werd hij een ongewone weerstand gewaar toen hij zijn handwapen terug in de schede wilde laten glijden; pas wanneer hij de oogbol van het mes had verwijderd, lukte het meteen. In de weerkaatsing van het schild van een der wachters controleerde hij nog even zijn snit — hij monsterde fier het nieuwe gewaad dat hij voor deze gelegenheid had gekocht — en drukte tevreden met zijn knappe verschijning een verschoven lok terug op haar plaats. Met de vingertoppen duwde hij de lansen uit mekaar en verschafte zich zo toegang tot de zaal.
Het rumoer onder de aanwezige edelen verstomde meteen. De glimlach van de vorst was onpeilbaar.
"Ridder," zo stak deze meteen van wal, "hebt gij enig idee waarom ik u hier ontboden heb?"
"Sire," zo pareerde de Ridder terwijl hij een elegante knieval ten beste gaf, "ik had er werkelijk geen idee van dat die vurige hofdame een uwer dochters betrof. En haar leeftijd..."
"Ridder," zo onderbrak de vorst hem royaal, "zand daarover. Het huwelijk van dat wicht heeft Bourgondië aan mijn rijk toegevoegd en Syfillis aan dat van haar gemaal. Neen, de reden van uw bezoek hier is van een veel gewichtiger aard."
Onrust maakte zich bij deze woorden van de Ridder meester. Zou de vorst het dan toch ontdekt hebben van hem en zijn gemalin? Hij had de koningin eigenlijk per ongeluk tot zich genomen toen hij zich vergist had van kamer (die van de koningin grensde aan het vertrek van haar dochter).
"... ten Noorden van de Rijn?"
De Ridder schork op uit zijn overpeinzingen en merkte tot zijn ontsteltenis dat de koning een antwoord van hem verwachtte op een vraag die hij niet had gehoord.
"Jawel, sire!" sprak hij, met in het achterhoofd de wetenschap dat een neen al enkele van zijn vrienden het volledige hoofd had gekost.
"Dan benoem ik u hierbij tot Graaf, Ridder. Graaf van Bavaria!"
Bij de feestelijkheden die hierna ontstaken, had de Ridder annex Graaf zich discreet verwijderd teneinde de kroon ten tweeden male van hoornen te voorzien. Zij was pas bevredigd geweest nadat de kroon zich van een volledig gewei verzekerd wist.
Toen hij zijn ros de sporen gaf, besloot hij bij De Lustige Waardin langs te gaan om de weg naar Bavaria en Syfillis te vragen.
Recente reacties