De set: een harde zetel in een kaal interieur. De acteurs: twee honden en een koppel. Het verhaal heeft niet veel om het lijf, en zij ook al even niet meer.
Zij kussen en horen niet meer dat Tracy Chapman al even niet meer voor de soundtrack zorgt. De kleine hond licht een oorflapje op wanneer zij met hese fluisterstem een snaar beroert. De grote hond geeuwt, legt zich op zijn zij en zucht. De man is zijn lijnen vergeten en laat zijn handen spreken.
Zij zijn amateurs in een schouwspel zonder publiek. Liefhebbers.
Hun verhaal is al duizend-en-een keer verteld en het verloop van het stuk is voorspelbaar. Wanneer zij naar boven gaan, likt de grote hond het oor van het kleintje.
Hij kijkt nog even in de kale living wanneer hij het licht uitknipt.
Meer decor behoeft hij niet.
Zonder iets om het lijf schrijven zij een einde aan het verhaal uit de duizenden. Een ordinair einde. Het mooiste einde dat er is.
Recente reacties