september 2007 Archieven

Dit is Belgisch

| 7 reacties | 0 TrackBacks

Een jongen vecht voor zijn leven. Ongelukje op de eerste schooldag: mes in de nek omdat hij een andere jongen niet wilde helpen met een meisje. We hadden al gehad: een moord voor een sigaret, een moord voor een MP3 speler.

Op de achtergrond gaat Suez samen met Gaz de France. Een miljardenfusie: al onze energie is nu in handen van een Frans consortium, dat aan België een kleine afnemer heeft. Ondertussen pompen de Centrale Banken wereldwijd miljarden in zwalpende beurzen. Geld dat niet voor Darfur vrijgemaakt kan worden.

Ondertussen warmt de aarde op. Wordt het Suez kanaal te klein. Is er nog geen hint voor een oplossing in Irak, Afghanistan, Palestina.

Tot zover de faits-divers.
Over naar de échte problemen.

Wat vijf minuten politieke moed zou vragen, duurt ondertussen 88 dagen. De onderhandelingen zitten muurvast, heet het. Ga maar 's vragen in Berlijn hoe vast dat staat, zo'n mauer. En ook: niemand wil gezichtsverlies lijden. Sire, geef mij 100 politici met een gezicht dat ze nog kunnen verliezen. Sire, zeg dan: “Ich bin ein Belgier.”
Want, sire, Brussel-Halle-Vilvoorde is een wereldprobleem.

Ceci n'est pas une blague.

The very last Samurai (dag 8)

| 2 reacties | 0 TrackBacks

Voormiddag
“Muhammed Saotome,” grapt Saotome. Hij danst al jabbend rond zijn uke. We leren een swing en een uppercut afweren. Er komen weer trappen bij kijken. Mae geri’s en low kicks. Duiken als in het boksen. Ik train het gelaten: dit werk ligt mij, maar ik ben eigenlijk hier om niet zo te hoeven vechten. Als ik dit wil leren ga ik naar een karateclub, of kickboksen.
Een Duitse groet mij om met haar te trainen. Wanneer ik hevig inkom, zie ik haar panikkeren. Ik probeer haar gerust te stellen: “No worries, I won’t hit you.
Zij excuseert zich, zegt dat zij vandaag al serieus geraakt werd. Ik zie inderdaad een dikke lip.
Van Peter hoor ik dat een andere Duitse vol in het gezicht werd geraakt. Een Fransman waar ik mee had getraind staat met een blauw oog op de mat. Een yudansha waar ik mee had getraind heeft een bloedrand rond de ogen... Sensei maant op geen enkel ogenblik aan tot meer controle. Hij komt mij integendeel nog even corrigeren wanneer ik een tegenstander geen elleboogstoot verkoop, maar mij beperk tot hem uit balans te brengen. Ik denk even aan Mathama Gandhi wanneer wij de les afgroeten.
Op het einde van de les mogen Peter en ik even mee uke zijn voor een aanval met vier man. Bij de eerste oefening werpt hij ons allevier tegelijk. Bij de tweede poging vraagt hij ons zo dicht mogelijk rond hem te gaan staan en mekaar vast te houden met hem ertussenin geklemd.
Het is een grapje: hij trapt en slaat ons allevier tussen de benen — gelukkig voldoende zacht zodat ik er ook nog om kan lachen.

The very last Samurai (dag 7)

| 2 reacties | 0 TrackBacks

Voormiddag
“Jo,” de korte stok. 1 meter 20 slaghout. Het begin van de les is een spiegelkata. Twee keer steken en afweren, twee zijwaartse slagen naar het hoofd, een slag naar de knie en een afweer die de steek van partner naar de grond slaat. Het mooie van de kata is dat je hem met zijn tweeën kan beoefenen en alle twee precies hetzelfde doet en op het einde van de kata eenvoudig van kant verwisselt, zodat je hem onafgebroken kan blijven oefenen. Peter en ik oefenen hem rustig en ritmisch in. Omdat de les weer in 2 groepen is opgesplitst, krijgen we de kans om te zien wat de anderen ervan terecht brengen. Veel aikidoka's trainen duidelijk niet vaak met wapens. Een andere groep zwaait wild en hard met de stok in het rond.
Wanneer wij terug aan de beurt zijn, hoor ik een droge ‘tok’ die niet klinkt als het geluid van 2 stokken die mekaar raken. Dan dringt pas de schreeuw door van het meisje dat naast ons staat te trainen. Ik zie haar in mekaar stuiken op de mat met haar handen op het gelaat. Iedereen in een straal van 10 meter stopt eventjes met trainen: het meisje wordt door een paar aikidoka's van de mat begeleid. Waarom zegt Sensei niet even iets over controle wanneer je met wapens werkt? Een donderpreek zou hier en nu zeker op zijn plaats zijn.
Na de spiegelkata's trainen wij jo-dori. Wij leren 4 mogelijkheden om ongewapend te reageren op een aanval met de stok. Rondom ons uiten een paar aikidoka's hun bewondering voor ons werk (alweer: de verdienste ligt bij Peter). Dit is weer werk dat wij graag doen. Het loopt geolied.
Na de pauze trainen we ontwapeningstechnieken. Wij hebben er plezier in.

The very last Samurai (dag 6)

| 2 reacties | 0 TrackBacks

Voormiddag
Je staat tegen een muur. Of in een lift. Je hebt geen ruimte om grote instapbewegingen te maken. Of je wil gewoon blijven staan waar je staat: “be.Stand your ground, ga de aanval niet uit de weg, dat oefenen we nu. De aanval van dienst is een vuistslag naar het aangezicht of een steek met de jo (korte stok) naar de middenzone. Onze voeten moeten ter plaatse blijven staan: alles moet uit de heupen en de benen komen. Dit soort werk ligt me. Eerst train ik met de leraar van de plaatselijke club; zijn slagen noch de steken komen aan, terwijl ik meestal mooi het centrum kan overnemen. Zelf raak ik hem een paar keren; de leraar neemt het vrij sportief op. Vervelend is wel: als de aanvaller niet diep inkomt, kan je de afstand niet aanpassen omdat je je voeten niet mag verplaatsten. Sensei heeft geluk met zijn uke: de man springt soms eenvoudig tot in de zone waar Sensei hem desnoods met een vinger kan vloeren.
Bij een volgende partner maak ik een domme fout: ik verlies even de controle over mijn voetverplaatsing waardoor ik partner op het einde van de beweging op de kin sla — een soort gedrag waar Peter en ik me al sinds het begin van de stage aan ergeren sinds het begin van de stage bij een paar middelmatige aikidoka’s waar de testosteron van afloopt. Het vraagt geen enkele vaardigheid om een partner zwaar op zijn gezicht te slaan wanneer die erop vertrouwt dat jij je beweging controleert.
Ik excuseer me tegenover mijn partner en kijk even naar het portret van O Sensei. Ik excuseer mij tegenover zijn foto: hij vond dit de grootste zonde. (Het is iets dat ik wel vaker doe. Wanneer de training niet goed gaat, wanneer ik te vaak mijn concentratie verlies, wanneer ik het niet eens ben met de leraar: dan praat ik met O Sensei. Zijn portret dat in elke dojo hangt geeft me een soort ritueel houvast. Ik vraag me af of anderen dat ook doen.)
Daarna train ik met een meisje dat veel indruk had gemaakt op mij toen Sensei haar eergisteren een boken naar het hoofd had geslagen en zij ijzig was blijven zitten, in wat perfecte aanvaarding had geleken; zij had zelfs niet met de ogen geknipperd.
Samen knoeien we wat met een paar ingewikkelde klemmen en worpen, en zij zoekt voortdurend naar oplossingen, die ze vaak op gevoel snel vindt.

The very last Samurai (dag 5)

| 1 reactie | 0 TrackBacks

Voormiddag
“Tanto,” wordt er van ons gevraagd, het korte mes. Peter heeft zijn tanto niet bij, en met de preek van de Sensei over de zwaarden in het achterhoofd, besluit hij de mat niet op te komen. Hij zal de les bekijken vanop de tribune.
Sensei opent de les met het hara-kiri ritueel. En hij benadrukt weer erg hard dat we de houten messen moeten zien als ‘live blades.’ Dat we eigenlijk dood zijn wanneer onze techniek niet correct is. Sensei krijgt maar niet genoeg van het vertellen over de warrior- of Samurai-spirit.
De technieken die we leren zijn ontwapeningsoefeningen. Zaak van binnen- of buitenkant te kiezen, partner eventueel afleiden met een slag dan de techniek uit te voeren. Mijn partner vindt het vooral zaak om de klemmen hard aan te zetten en veel tijd te besteden aan de immobilisatie op de grond. Zelf probeer ik vooral ogenblikkelijk een kant te kiezen, op de juiste afstand te komen en controle te krijgen over de arm die het mes vasthoudt.
Na de pauze gaat de Sensei verder met de ontwapeningstechnieken, maar legt hij de nadruk op de ‘Aiki’ in de beweging. Vanuit een onbevreesde houding direct instappen in de aanval en de baas te blijven in heel de beweging.
De houding lukt me, het baas worden meestal niet; telkens de aanval ingezet wordt, krijg ik een stressmoment dat mijn beweging breekt.
Peter vat mijn prestatie samen als: “twee bewegingen deed je volledig verkeerd en je krampt nog altijd even samen voor je de beweging inzet: veel aiki was daar niet bij.”
Ik hoop dat onze enige vrije namiddag van de stage mij goed zal doen.