Mercator tekende kaarten. Brel bezeilde de wereldzeeën. Pater Damiaan verzorgde de melaatsen. Brel bezong les amputés du coeur. Paul Jansen vond medicijnen uit. Brel vloog de zieken naar het ziekenhuis. Conscience schreef De leeuw van Vlaanderen. Brel schreef Le plat pays. Daens vocht voor algemeen meervoudig stemrecht. Brel ging windmolens te lijf. Vesalius ontleedde het lichaam. Brel tekende de ziel. Ambiorix verdedigde Vlaanderen tegen de Romeinen. Brel veroverde Parijs op de Fransen. Merckx won de Tour. Brel gaf 300 concerten op een jaar op 4 pakjes per dag. Rubens schilderde vrouwen. Brel baisait.
Er kan er maar een de grootste zijn. Ik zou dan kunnen zeggen: laat het díe Belg zijn die zijn meesterwerk op één long heeft volgezongen omdat hij de andere in rook had laten opgaan. Of: laat het die Belg zijn die het Franse chanson vernieuwd heeft. Laat díe Belg winnen die ambras kreeg met de Flaminganten. Die de Brusselse Bourgeoisie en daarmee zichzelf uitlachte. Laat 't de Belg zijn die zich naast Gauguin liet begraven. Laat het de man zijn wier laatste minnares en eerste vrouw mekaar snikkend in de armen vielen bij zijn dood. Laat het de performer zijn die voor elk optreden overgaf van de zenuwen, maar dan wel de Olympia op de knieën kreeg.
Zo kan ik u nog wel meer vertellen over Brel.
Ik zou dan bijvoorbeeld ook zeggen: laat het de sukkel zijn van Les Bonbons. De romanticus van Ne me quitte pas. De krachtpatser van Le port d'Amsterdam. De vriend van Jef. De dromer van L'homme de la Mancha. Het jongetje van Mon père disait.
“En zo heeft hij er nog een paar honderd geschreven,” zou ik daar dan nonchalant aan kunnen toevoegen — en ik zou niet eens liegen.
Laat mij eenvoudig volstaan met te zeggen dat Brel de schrijver is van Orly. En dat hij de enige was die het nog kon zingen ook.
“Hard als staal en elegant als een vlinder,” zo omschrijft Diego Rivera bij een vernissage het werk van zijn echtgenote. Hij had net hetzelfde kunnen zeggen over Frida zelf. Een vrouw met cojones aan haar lijf. Een vrouw met een snor, ook, zelfs letterlijk. En toch een toppunt van vrouwelijkheid.
Dat op zich was al voldoende om in Japan als martiale legende geboekstaafd te worden. Maar leest u vooral verder.
De laatste keer dat men hem vroeg om een bedrijf te gaan leiden stelde hij twee voorwaarden. "Een: u geeft mij een jaar de tijd waarin u geen enkele beslissing van mij in vraag stelt. Twee: mijn jaarsalaris zal vastgesteld worden op een (1) dollar."
Mag ik aan u voorstellen: Miyamoto Musashi. Musashi is in Japan en ver daarbuiten een legende. Hij waste zich naar verluidt nooit. Zijn haar heeft nooit ofte nimmer een kam van dichtbij gezien. Maar ondanks de ongetwijfeld onvergelijkbare lijfgeur die een en ander met zich meebrengt, waren het niet de badgewoonten van Musashi die hem tot een legende maakten.